In
deze vectorproducten zijn cartografische structuren (punten,
lijnen en vlakken) digitaal opgeslagen. Die ruimtelijke
objecttypes worden gekoppeld aan «codes» die in de databank
beschreven zijn en waaraan attributen kunnen worden toegekend.
De vectordatabanken situeren zich steeds in het Belgische
coördinatenstelsel van Lambert.
De
rasterbestanden geven ons de cartografische gegevens als
een geheel van pixels (elementaire beelden). Ze worden
bekomen door het omzetten van de vectorgegevens in rasterbeeld.
Ze zijn niet verbonden aan een databank en kunnen dus
niet worden ondervraagd. De kaart is wel bruikbaar als
achtergrond.